Competitie
Alle teams
Nieuws
Vereniging
Agenda
Fotos & Videos
Sponsors
Gastenboek
Contact

Spelregels CMV niveau 3

Niveau 3

Rally

  1. Start van de rally: een onderarmse service door de speler die de bal heeft, waar deze speler ook staat
    • Welke speler de bal heeft, is onafhankelijk van het resultaat van de vorige rally
    • De service mag het net raken
    • Als de speler dicht bij het net staat, mag er een pasje naar achter gezet worden
  2. Eerste balcontact: een verplichte boven- of onderhandse pass bij iedere bal die van de tegenpartij over het net komt. Minimaal een baldikte omhoog.
  3. Tweede balcontact: een gevangen bal door een medespeler, tenzij de passer de laatste speler is; dan mag de passer de bal zelf vangen.
  4. De vanger gooit de bal over het net, met een correcte gooi techniek:
    • Bovenhands met 2 handen; vanaf je voorhoofd uitstoten. Voorover of achterover.
    • Bovenhands met 1 hand gooien; arm gebogen, elleboog achter en boven schouder. Bal met andere hand controleren voordat er gegooid wordt, is toegestaan.
    • Bovenhands met 1 hand stoten; arm gestrekt en voor lichaam. Bal met andere hand controleren voordat er gegooid wordt, is toegestaan.
    • Onderarms met 2 handen; vanaf je knieĆ«n met gestrekte armen. Voorover of achterover.
    • Onderarms met 1 hand; verticale slinger beweging langs het lichaam. Bal met andere hand controleren voordat er gegooid wordt, is toegestaan.
  5. Na het serveren of gooien van de bal, draait het team een plaats door
  6. Einde van de rally: als er een fout is gemaakt. Van het team dat de fout heeft gemaakt, moet de speler die de fout heeft gemaakt, uit het veld en in de wachtkamer staan. Bij twijfel beslist de coach; voorkom discussie.
  7. Niet toegestaan: springen en dunken, lopen met de bal

Wachtkamer

  1. Kinderen in de wachtkamer staan bij het net links naast het veld
  2. De voorste speler mag uit de wachtkamer terugkeren in het veld, nadat een pass gevangen is conform hierboven.

Punten

  1. Staat er nog 1 speler in het veld en maakt deze een fout, krijgt de tegenpartij 1 punt. Beide teams starten weer met 4 spelers in het veld.

Fouten

  1. Fouten die moeten worden afgefloten:
    • Verkeerde manier van gooien (bal met 2 handen vanuit de nek gooien, bal met 2 handen vanaf het gezicht, de kin of de borst wegstoten, een keeper worp
    • Het afvangen van de eigen pass, als er meerder spelers in het veld staan.
    • Een bal gooien, als er geserveerd had moeten worden en andersom.
  2. Het net aanraken wordt gedoogd, tenzij het om een gevaarlijke situatie gaat

Opstellingen