Competitie
Alle teams
Nieuws
Vereniging
Agenda
Fotos & Videos
Sponsors
Gastenboek
Contact

VCSpaarnestad bestaat dit jaar 10 jaar

Geplaatst op:
25 april 2020
Door:
Jan Koehorst
Categorie:
Algemeen

Aflevering (4): Waarom fuseerden we ook al weer?

Aan het begin van het nieuwe Millenium kwam steeds meer het besef dat de Haarlemse volleybalwereld kleiner en versnipperd werd. Daardoor konden we steeds minder goed op tegen de concurrenten met meer geld en kwaliteit. Talenten liepen naar de topclubs in Amstelveen en Castricum. In deze aflevering bekijk ik de kwantitatieve trend. Uit mijn archief putte ik wat cijfers op twee ijkpunten: seizoen 1992-1993 en seizoen 1998-1999. Het totale ledental van de Nevobo was in 1990 op zijn top met 164.057 leden. Al snel erna begon het landelijke ledental te dalen. Ondanks de zilveren medaille van de mannen in 1992 bij de Olympische Spelen in Barcelona daalde het ledental in 1993 naar 155.292.

Seizoen 92-93 Clubs Haarlem

 

dames

heren

totaal

Allides

14

14

28

OVRA

6

6

12

Spaarne’75

5

8

13

Die Raeckse

6

7

13

HVS

0

2

2

subtotaal

31

37

68

FHC’91

5

6

11

IDEE

1

3

4

PSVH

1

1

2

Totaal

38

47

85

 

De jaren erna ging de daling van het aantal Nevobo-leden door, ondanks de euforie over de gouden medaille in 1996 in Atlanta. Die daling zagen we ook terug bij de clubs in Zuid-Kennemerland (in ledental en aantal teams).

Seizoen 98-99 Clubs Haarlem

 

dames

heren

totaal

Allides

9

13

22

OVRA

4

6

10

Spaarne’75

4

7

11

Die Raeckse

9

6

15

HVS

0

3

3

subtotaal

26

35

61

FHC’91

3

3

6

IDEE

1

3

4

PSVH

1

1

2

Totaal

31

42

73

 

En in de volgende jaren ging de landelijke daling in het ledental versneld door en had effect op het aantal teams in Haarlem. De urgentie om samen te werken bleek steeds noodzakelijker. In 2005 gingen de vier clubs die later VCSpaarnestad zouden vormen met hun topteams samenwerken en over weer werd invallen mogelijk. Voor de tegenstanders werd dit verwarrend en de Nevobo drong aan op een heldere keuze en die leidde tot de fusie per 1-7-2010. In de jaren sinds het seizoen 1998-1999 was de afkalving van het ledental door gegaan (landelijk naar 125.785 in 2010), zoals blijkt uit het aantal seniorenteams waarmee VCSpaarnestad aan de competitie in het 1e seizoen (2010-2011) deelnam: 13 damesteams en 18 herenteams. In ruim 10 jaar zakte het aantal teams van de VCSpaarnestad-deelnemers van 61 naar 31.

In Haarlem is verder alleen FHC’91 blijven bestaan, o.a. dankzij wat overblijvers van IDEE en PSVH. Zij namen afgelopen seizoen met 2 dames- en 1 herenteam deel aan de competitie.

Om ons heen in Zuid-Kennemerland was de daling niet anders.

Seizoen 92-93 Clubs Velsen

 

dames

heren

totaal

SBIJ

5

4

9

VCIJ

4

7

11

Totaal

9

11

20

In 1996 kwam de fusie tot stand die tot Smashing Velsen’96 leidde. Ook daarna ging de daling door, zoals uit het onderstaande blijkt

Seizoen 98-99 Clubs Velsen

 

dames

heren

 

Smashing’96

7

6

13

 

En die daling zette daar door. In het afgebroken seizoen 2019-2020 speelde Smashing Velsen nog maar met 3 dames en 1 herenteam in de competitie. Wel had Smashing 5 teams in de recreantencompetitie

Seizoen 92-93 Clubs Heemstede

 

dames

heren

 

GSV Heemstede

7

4

11

Gazellen H’stede

1

1

2

 

8

5

13

In het seizoen speelde GSV Heemstede met 4 damesteams in de eerste klasse, maar ook daar ging de daling

Seizoen 98-99 Clubs Heemstede

 

dames

 

 

GSV Heemstede

4

3

7

Gazellen H’stede

0

1

1

 

4

4

8

 

En GSV Heemstede speelde afgelopen seizoen nog met 1 herenteam in de competitie (en ook daar meer recreantenteams).

De conclusie kan dus zijn dat VCSpaarnestad als enige in deze omgeving goed overeind bleef en uiteindelijk ging groeien!

Andre Triep